Tracking

Onder tracking verstaan we het vinden, identificeren en volgen van een spoor. Dit spoor kan zowel van mens als dier zijn. Doorgaans wordt een spoor net zolang gevolgd totdat we de veroorzaker hebben gelokaliseerd of totdat we het spoor zijn kwijtgeraakt.

Tijdens een tracking zoeken we naar sporen die zijn achtergelaten door mens, dier of objecten (voertuigen), deze sporen vallen op aan de (natuurlijke) omgeving Enkele voorbeelden van sporen zijn;

  • Sap dat uit een beschadigde wortel of boomstronk loopt
  • Verandering van kleur bij vegetatie
  • Gras en struiken waar ten opzichte van de rest geen dauw meer opzit.
  • Voet en pootafdrukken op de grond
  • Beschadigde planten en bomen
  • Uitwerpselen, veren, botten en haren
  • Afval  en verpakkingsmaterialen

In deze rubriek zullen we sporen behandelen die door mensen gemaakt zijn, wil je meer info over diersporen ga dan naar de rubriek diersporen

Tijdens een tracking is de kans groot dat je verschillende soorten terrein doorkruist, ieder terreinsoort heeft zo ook zijn eigen specifieke eigenschappen. Dit wil zeggen dat een voetafdruk in los zand er totaal anders uitziet dan een voetafdrukdat achtergelaten is op grasland.

 

  Sporen van mensen in het gras
Overal waar mensen komen of zijn geweest vind je afval, zoals dit blikje dat na een wandeling door mensen is achtergelaten.

Aan de kleuren kun je vaak zien of het blik er al langer ligt. Soms zit er zelfs nog een restje frisdrank in het blikje, dan weet je zeker dat het blik er nog niet al te lang ligt.

Mieren en andere insecten komen vaak af of zoete dranken en zullen de restanten eruit eten.
Op de foto hierlangs zie je twee lichtgekleurde rechte banen in het gras. Deze lichtgekleurde banen vormen een spoor dat gemaakt is door een voertuig. Omdat het spoor lichter van kleur is dan het gras weten we dat het voertuig van ons af is gereden. (je kijkt als het ware tegen de onderzijde van het gras aan, en deze is lichter van kleur)

Als de sporen donkerder van kleur zijn dan het gras dan weten we dat de richting van het voertuig naar ons toe gericht is.
  Op de foto hiernaast zie je de restanten van een kampvuur.

Echte kampeerders/survivallisten hebben respect voor de natuur en zullen dan ook altijd hun kampvuurplaats schoon achter te laten, de kampeerplek moet er namelijk uitzien of er nooit iemand is geweest.

Het kan ook zijn dat deze kampeerders overhaast hebben moeten vertrekken.
  Voel met je hand of de grond nog warm aanvoelt, is dit het geval dan is het vuur nog maar enkele uren gedoofd.

Ook kun je vaak grofweg aan het as zien hoelang het vuur uit is. Liggen er veel fijne asdeeltjes dan is het vuur nog niet zo lang gedoofd, naarmate het vuur langer uit is zullen de fijne asdeeltjes wegwaaien en de grotere houtskoolbrokjes blijven voor een langere tijd liggen.

Verder vonden we in de restanten van dit vuur kippenbotjes, hieruit kun je concluderen dat deze kampeerders kip hebben gegeten.
  Hier zie je een bandenafdruk van een off the road motor, die zijn achtervolgers wilde afschudden door een sloot over te steken.
  Hier zie je twee hulzen van hagelpatronen Kal.20/70/25Gram die achtergelaten zijn door een jager.

Aan de hand van de lichte roestvorming op de metalen delen konden we vaststellen dat de hulzen er hoogstens enkele weken hebben gelegen.